Recht van spreken
Column tijdschrift Controlling nr1, augustus 2004
Ik ben uitgenodigd door de redactie van dit tijdschrift om voor u regelmatig een stukje te schrijven. En wel om u op de hoogte te brengen van gebeurtenissen die te maken hebben met diefstal, fraude en allerlei andere ‘prettige’ zaken waar het bedrijfsleven en de non-profitsector mee te maken krijgen. Want het is niet de vraag óf een organisatie met fraude te maken krijgt, maar wannéér!
Daarnaast zal ik bij tijd en wijle graag van de gelegenheid gebruikmaken om u mijn visie te geven op een aantal zaken. Ik begrijp dat mijn mening niet zaligmakend is. Ik weet ook dat iemand die lang in ‘het vak’ zit de neiging krijgt te denken dat iedereen op zijn of haar mening zit te wachten. Met mijn meer dan 30 jaar ervaring, bespeur ik die neiging bij mezelf ook weleens. Op het gevaar af dat u die neiging hier nu herkent, toch het volgende:
De meeste goederen die in Nederland worden gestolen, blijven ook in Nederland; dat is al jarenlang een gegeven. Natuurlijk wordt er ook het nodige aan gestolen waar geëxporteerd; auto’s naar Afrika en Oost-Europa bijvoorbeeld, of - zoals wij tijdens een onderzoek meemaakten - pallets vol met kip naar een Duitse afnemer, of gebruiksgoederen de niet-bestaande grens over naar België.
Het merendeel blijft echter, zoals gezegd, in Nederland en komt terecht bij gewone burgers. Gewone burgers zoals u en ik, met een familie, een gezin, een werkkring en dergelijke. Dus niet alleen maar - zoals zo vaak wordt gedacht - bij junks en asocialen. En ook niet alleen maar bij allochtonen, die toch vaak de schuld krijgen.
Zo gemakkelijk als die gewone burgers ‘zwart’ hun auto’s laten repareren, hun huizen laten schilderen of hun tuin opknappen met materiaal van twijfelachtige herkomst, zo gemakkelijk kopen ze ook illegale software en computerspelletjes of kopiëren dat zelf. Datzelfde geldt voor kleding, levensmiddelen, elektronica of wat dan ook. En ze nemen echt niet alleen maar producten of diensten (!) af van louche aanbieders of van vreemden aan de deur. De aanbieders komen meestal uit hun eigen directe sociale omgeving of worden door kennissen geïntroduceerd én van harte aanbevolen. Wel is er op dat laatste vlak een ontwikkeling gaande; steeds meer gestolen goederen van onze opdrachtgevers worden verhandeld via makkelijk toegankelijke websites op het internet. Die koop- en verkoopsites mogen dan met de beste bedoelingen zijn opgezet, maar door de toenemende handel in gestolen goederen via deze kanalen zou hun goede naam en zelfs hun bestaansrecht wel eens te gronde kunnen gaan!
Alle genoemde goederen en diensten worden zonder veel vijven en zessen ingekocht en afgenomen. Wie stelt vragen aan de beunhaas die op maandag het huis schildert? Wie wil eigenlijk weten of het ‘mannetje’ zich soms ziek heeft gemeld bij zijn werkgever om vervolgens elders wat bij te verdienen? En of het materiaal dat wordt gebruikt (niet alleen de kwasten en het gereedschap, maar ook de verf, het hout, de onderdelen enzovoort) soms afkomstig is van diezelfde arme werkgever? Logisch dat men daarin helemaal niet is geïnteresseerd, want men is alleen maar uit op snel voordeel; goedkope inkoop, snelle service en nog BTW-vrij ook!
Als wij dus met z’n allen roepen dat het beter moet in Nederland, als daarvoor zelfs politieke partijen in het leven worden geroepen, dan wordt het hoog tijd dat we ook eens bij onszelf te rade gaan. Het zou om te beginnen mooi zijn als u probeert ervoor te zorgen dat deze ‘goedkope’ adresjes in uw eigen omgeving (op feestelijke bijeenkomsten, verjaardagspartijtjes, maar ook in uw bedrijf of organisatie) niet langer worden uitgewisseld. Laat staan dat u van die aangeboden diensten of goederen zelf gebruikmaakt, want dan bent u medeplichtig aan heling, of zo. En zeg nou niet dat u dat niet kunt ruiken; met een beetje gezond verstand weet u direct dat de prijs van het gebodene te laag is, of dat het moment en de wijze van afrekenen op zijn minst curieus zijn. U bent zelf heel goed in staat te bepalen of u het risico loopt om uw eigen integriteit te grabbel te gooien.
En als u hier zelf op een goede manier mee omgaat, dán heeft u tenminste recht van spreken wanneer u verwijten maakt over de somtijds belabberde toestand in ons land!
Column door Gerd Hoffmann
Ik ben uitgenodigd door de redactie van dit tijdschrift om voor u regelmatig een stukje te schrijven. En wel om u op de hoogte te brengen van gebeurtenissen die te maken hebben met diefstal, fraude en allerlei andere ‘prettige’ zaken waar het bedrijfsleven en de non-profitsector mee te maken krijgen. Want het is niet de vraag óf een organisatie met fraude te maken krijgt, maar wannéér!
Daarnaast zal ik bij tijd en wijle graag van de gelegenheid gebruikmaken om u mijn visie te geven op een aantal zaken. Ik begrijp dat mijn mening niet zaligmakend is. Ik weet ook dat iemand die lang in ‘het vak’ zit de neiging krijgt te denken dat iedereen op zijn of haar mening zit te wachten. Met mijn meer dan 30 jaar ervaring, bespeur ik die neiging bij mezelf ook weleens. Op het gevaar af dat u die neiging hier nu herkent, toch het volgende:
De meeste goederen die in Nederland worden gestolen, blijven ook in Nederland; dat is al jarenlang een gegeven. Natuurlijk wordt er ook het nodige aan gestolen waar geëxporteerd; auto’s naar Afrika en Oost-Europa bijvoorbeeld, of - zoals wij tijdens een onderzoek meemaakten - pallets vol met kip naar een Duitse afnemer, of gebruiksgoederen de niet-bestaande grens over naar België.
Het merendeel blijft echter, zoals gezegd, in Nederland en komt terecht bij gewone burgers. Gewone burgers zoals u en ik, met een familie, een gezin, een werkkring en dergelijke. Dus niet alleen maar - zoals zo vaak wordt gedacht - bij junks en asocialen. En ook niet alleen maar bij allochtonen, die toch vaak de schuld krijgen.
Zo gemakkelijk als die gewone burgers ‘zwart’ hun auto’s laten repareren, hun huizen laten schilderen of hun tuin opknappen met materiaal van twijfelachtige herkomst, zo gemakkelijk kopen ze ook illegale software en computerspelletjes of kopiëren dat zelf. Datzelfde geldt voor kleding, levensmiddelen, elektronica of wat dan ook. En ze nemen echt niet alleen maar producten of diensten (!) af van louche aanbieders of van vreemden aan de deur. De aanbieders komen meestal uit hun eigen directe sociale omgeving of worden door kennissen geïntroduceerd én van harte aanbevolen. Wel is er op dat laatste vlak een ontwikkeling gaande; steeds meer gestolen goederen van onze opdrachtgevers worden verhandeld via makkelijk toegankelijke websites op het internet. Die koop- en verkoopsites mogen dan met de beste bedoelingen zijn opgezet, maar door de toenemende handel in gestolen goederen via deze kanalen zou hun goede naam en zelfs hun bestaansrecht wel eens te gronde kunnen gaan!
Alle genoemde goederen en diensten worden zonder veel vijven en zessen ingekocht en afgenomen. Wie stelt vragen aan de beunhaas die op maandag het huis schildert? Wie wil eigenlijk weten of het ‘mannetje’ zich soms ziek heeft gemeld bij zijn werkgever om vervolgens elders wat bij te verdienen? En of het materiaal dat wordt gebruikt (niet alleen de kwasten en het gereedschap, maar ook de verf, het hout, de onderdelen enzovoort) soms afkomstig is van diezelfde arme werkgever? Logisch dat men daarin helemaal niet is geïnteresseerd, want men is alleen maar uit op snel voordeel; goedkope inkoop, snelle service en nog BTW-vrij ook!
Als wij dus met z’n allen roepen dat het beter moet in Nederland, als daarvoor zelfs politieke partijen in het leven worden geroepen, dan wordt het hoog tijd dat we ook eens bij onszelf te rade gaan. Het zou om te beginnen mooi zijn als u probeert ervoor te zorgen dat deze ‘goedkope’ adresjes in uw eigen omgeving (op feestelijke bijeenkomsten, verjaardagspartijtjes, maar ook in uw bedrijf of organisatie) niet langer worden uitgewisseld. Laat staan dat u van die aangeboden diensten of goederen zelf gebruikmaakt, want dan bent u medeplichtig aan heling, of zo. En zeg nou niet dat u dat niet kunt ruiken; met een beetje gezond verstand weet u direct dat de prijs van het gebodene te laag is, of dat het moment en de wijze van afrekenen op zijn minst curieus zijn. U bent zelf heel goed in staat te bepalen of u het risico loopt om uw eigen integriteit te grabbel te gooien.
En als u hier zelf op een goede manier mee omgaat, dán heeft u tenminste recht van spreken wanneer u verwijten maakt over de somtijds belabberde toestand in ons land!
Column door Gerd Hoffmann
Meer informatie